Geen proost op je gezondheid?

Diverse media berichtten dat matige alcoholconsumptie helemaal niet gezond is. Ze baseren zich op een meta-analyse uitgevoerd door Canadese wetenschappers. De conclusie van dit onderzoek is dat matig drinken geen gezondheidswinst oplevert. Dat dit eerder wel gedacht werd, komt door vertekening in het onderzoek volgens de onderzoekers: onder de geheelonthouders zou zich een grote groep bevinden die vanwege gezondheidsredenen gestopt is met drinken.

J-curve
Voor dit onderzoek werden 87 studies verzameld waarin de gezondheidseffecten van alcohol werden geanalyseerd. Zonder correctie van de data werd er een J-vormig verband gevonden tussen alcoholconsumptie en kans op vroegtijdig overlijden. Dat wil zeggen, matige drinkers hebben een lager risico op vroegtijdig overlijden ten opzichte van geheelonthouders. Bij overmatige consumptie neem het risico juist weer toe. Maar wanneer gecorrigeerd werd voor de geheelonthouders die om gezondheidsredenen waren gestopt met drinken, was dit verband zo goed als weg. Alleen mensen die minder dan een drankje per week drinken, leven het langst.1

Kanttekeningen bij het onderzoek

Overall positief effect
Resultaten van ruim 30 jaar wetenschappelijk onderzoek laten zien dat matige en regelmatige alcoholconsumptie een ‘overall’ positief effect heeft op de gezondheid. Als je op bevolkingsniveau de ongunstige effecten van matige alcoholconsumptie op bepaalde types kanker (bijvoorbeeld borstkanker) en de gunstige effecten op hart- en vaatzieken (HVZ) en diabetes beschouwt, dan zijn de positieve effecten groter dan de negatieve gezondheidseffecten. De bekende en veel gerefereerde J-curve van Di Castelnuovo laat zien dat tot 2 glazen per dag voor vrouwen en tot 4 glazen per dag voor mannen het risico op vroegtijdig overlijden verlaagt ten opzichte van de niet-drinker.2

Sick quitters
De zogenaamde ‘sick quitter’-hypothese zoals beschreven door de Canadese wetenschappers is niet nieuw. Al eerder hebben onderzoekers zich hierover gebogen. In sommige onderzoeken is inderdaad geen onderscheid gemaakt tussen levenslange geheelonthouders en ex-drinkers. De groep ‘niet-drinkers’ kan daarom ‘zieke niet-drinkers’ (sick quitters) bevatten, mensen die vanwege problemen met hun gezondheid gestopt zijn met drinken.3 Dit kan onterecht de suggestie wekken dat matig drinken voordelen heeft. Studies die ex-drinkers wel apart hielden van mensen die nooit hebben gedronken, weerleggen deze hypothese echter.4

Levenslange consumptie
Daarnaast denken sommige onderzoekers dat het beter is om de levenslange alcoholconsumptie als uitgangspunt te nemen en niet de consumptie bij de start van de studie, omdat de consumptie gedurende het leven kan variëren.5 De samenhang tussen alcohol en sterfte kan dan ook onder- of overschat zijn als alleen de consumptie bij de start van de studie wordt bekeken. Onderzoeken die uitgingen van levenslange alcoholconsumptie laten echter ook een J-vormige relatie met het sterfterisico zien.6,7

Gezondere levensstijl
Een andere mogelijke verstorende factor is de veronderstelde gezondere levensstijl van matige drinkers of, omgekeerd, een afwijkend risicoprofiel van niet-drinkers.8,9 Sommige onderzoeken suggereren dat de J-vormige relatie tussen alcoholconsumptie enerzijds en HVZ en diabetes type 2 anderzijds waarschijnlijk niet verklaard wordt door een gezonde levensstijl. Toch geldt zelfs voor mensen met een gezonde levensstijl dat matige alcoholconsumptie hun risico op HVZ en diabetes type 2 extra verlaagt.10,11


Lees meer:

 

Update oktober 2016:

In september 2016 verscheen een commentaar op dit onderzoek in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Studies on Alcohol and Drugs. Zeventien wetenschappers ondertekenden dit bericht. Hun opmerkingen zijn:

  • Stockwell en collega’s gebruiken dezelfde selectiecriteria voor het in- en excluderen van onderzoek als al in 2006 tijdens een alcoholcongres door alle aanwezigen (inclusief de wetenschapper wiens onderzoek destijds werd aangehaald) uiteindelijk om twee redenen als onjuist werden bestempeld.12
    • Ten eerste: het excluderen van onderzoek waarbij de alcoholconsumptie alleen bij baseline is nagevraagd is onterecht. Uit ander onderzoek is gebleken dat de uitkomsten niet verschillen als alleen baseline data zijn meegenomen of gemiddelde alcoholconsumptie over een periode.
    • Ten tweede: het indelen van mensen die af-en-toe drinken in de niet-drinken groep is geen methodologische fout. Uit ander onderzoek is gebleken dat occasionele drinkers veelal geen mensen zijn die gestopt zijn met drinken vanwege ziekte. Bij “echte” niet-drinkers is er eerder het risico dat zij voorheen zware drinkers waren en dus een vertekent beeld kunnen geven.
  • Doordat de in- en exclusiecriteria van Stockwell en collega’s te streng zijn, resulteert dit in het excluderen van erg veel onderzoek in de meta-analyse. Van de meer dan 2.500 studies, worden uiteindelijk 87 gebruikt en sommige conclusies zijn gebaseerd op slechts 6 onderzoeken.
  • Stockwell en collega’s negeren de vele experimentele onderzoeken. Niet alleen resultaten van dieronderzoek, maar ook van interventieonderzoek bij mensen, geven een mechanistische verklaring voor de bevindingen uit bevolkingsonderzoek.

De wetenschappers concluderen dat Stockwell en collega’s met hun publicatie een vertekend beeld geven van het vele wetenschappelijke onderzoek naar de relatie alcoholconsumptie en sterfte.13

Bronnen:

1. Stockwell T, Zhao J, Panwar S et al. (2016). Do "Moderate" Drinkers Have Reduced Mortality Risk ? A Systematic Review and Meta-Analysis of Alcohol Consumption and All-Cause Mortality. JSAD, 77(2):185-198.

2. Di Castelnuovo A, Costanzo S, Bagnardi V et al. (2006). Alcohol dosing and total mortality in men and women: an updated meta-analysis of 34 prospective studies. Arch Intern Med, 166(22):2437-2445.

3. Klatsky AL en Udaltsova N (2013). Abounding confounding: sick quitters and healthy drinkers. Addiction, 108(9):1549-1552.

4. Ronksley PE, Brien SE, Turner BJ et al. (2011). Association of alcohol consumption with selected cardiovascular disease outcomes: a systematic review and meta-analysis. BMJ, 342:d671.

5. Jayasekara H, MacInnis RJ, Hodge AM et al. (2014). Alcohol consumption for different periods in life, intake pattern over time and all-cause mortality. J Public Health, Epub.

6. Jayasekara H, English DR, Room R et al. (2014). Alcohol consumption over time and risk of death: a systematic review and meta-analysis. Am J Epidemiol, 179(9):1049-1059.

7. Bergmann MM, Rehm J, Klipstein-Grobusch K et al. (2013). The association of pattern of lifetime alcohol use and cause of death in the European prospective investigation into cancer and nutrition (EPIC) study. Int J Epidemiol, 42(6):1772-1790.

8. Shaper AG, Wannamethee G, and Walker M (1988). Alcohol and mortality in British men: explaining the U-shaped curve. Lancet, 2(8623):1267-1273.

9. Jackson R, Broad J, Connor J et al. (2005). Alcohol and ischaemic heart disease: probably no free lunch. Lancet, 366(9501):1911-1912.

10. Mukamal KJ, Chiuve SE en Rimm EB (2006). Alcohol consumption and risk for coronary heart disease in men with healthy lifestyles. Arch Intern Med, 166(19):2145-2150.

11. Joosten MM, Grobbee DE, van der A DL et al. (2010). Combined effect of alcohol consumption and lifestyle behaviors on risk of type 2 diabetes. Am J Clin Nutr, 91(6):1777-1783.

12. Panel Discussion I: Does Alcohol Consumption Prevent Cardiovascular Disease? Annals of Epidemiology, May 2007, Volume 17, Issue 5, Supplement, Pages S37–S39

13. Comments on Moderate Alcohol Consumption and Mortality. Journal of Studies on Alcohol and Drugs, september 2016

Nieuwsberichten in de media

Trouw: Alcohol is helemaal niet gezond

nu.nl: Matig alcoholgebruik niet gezond