Uit bevolkingsonderzoeken blijkt dat alcoholconsumptie het risico op het ontwikkelen van bepaalde vormen van kanker kan verhogen. Hoe meer alcohol wordt geconsumeerd, hoe meer het risico kan verhogen. Dit is onafhankelijk van het soort alcoholhoudende drank (wijn, bier of gedistilleerd), het gaat om de hoeveelheid alcohol die wordt geconsumeerd. Op basis van de beschikbare wetenschappelijke kennis is op dit moment geen veilige ondergrens voor alcoholconsumptie vast te stellen.
De World Cancer Research Fund (WCRF) adviseert dat het – om kanker te voorkomen – het beste is om geen alcohol te consumeren. Mensen die wel alcohol drinken krijgen het advies om dit met mate te doen: maximaal twee glazen per dag voor mannen en één glas voor vrouwen.
De Gezondheidsraad concludeert in de Richtlijnen goede voeding van 2006 dat er van matige alcoholconsumptie negatieve en positieve effecten zijn beschreven in de wetenschappelijke literatuur en adviseert de alcoholconsumptie te beperken tot maximaal twee glazen per dag (mannen) en één glas per dag (vrouwen).
In hoeverre bij matige alcoholconsumptie het risico op bepaalde soorten kanker opweegt tegen de beschermende werking op hart- en vaatziekten en/of diabetes is een afweging die het beste voor iedereen persoonlijk in overleg met (para)medici gemaakt kan worden.
De relatie tussen alcohol en kanker is al jarenlang het onderwerp van diverse wetenschappelijke onderzoeken. Hier volgt een overzicht van wat er tot nu toe op wetenschappelijk gebied bekend is over de effecten van alcoholconsumptie op kanker.
Metabolisme
Alcohol wordt in het bloed opgenomen vanuit de dunne darm. De afbraak van alcohol vindt voornamelijk plaats in de lever. Slechts 5% van de alcohol verlaat het lichaam via urine en zweet.
De enzymen alcoholdehydrogenase (ADH) en aldehyde dehydrogenase (ALDH) zijn verantwoordelijk voor de afbraak van alcohol in de lever (Seitz en Stickel, 2007). ADH oxideert de alcohol naar acetaldehyde. Dit is een toxische stof die verantwoordelijk is voor de meeste schadelijke effecten van (overmatige) alcoholconsumptie op het lichaam. Vervolgens oxideert ALDH het acetaldehyde naar het onschadelijke acetaat wat vervolgens weer wordt afgebroken naar water en CO2.
Bij hoge alcoholinname (meer dan vier glazen per dag voor minstens een week). treedt een ander afbraaksysteem in werking; het microsomal ethanol oxidizing system (MEOS) (Lieber, 2004).
Naast de lever kunnen ook microben in het speeksel en in de dikke darm alcohol omzetten naar acetaldehyde (Salaspuro, 2003). Verdere omzetting naar acetaat is beperkt omdat de microben beperkte ALDH activiteit hebben.
Risico op kanker
Aan matige alcoholconsumptie zijn een aantal gezondheidsnadelen verbonden. Zo kan één glas alcoholhoudende drank al het risico op borstkanker en kanker in het mond- en halsgebied verhogen.
Borstkanker
Uit bevolkingsstudies blijkt dat bij dagelijkse alcoholconsumptie van één glas alcoholhoudende drank het risico op borstkanker stijgt met 8% (van 8,8% naar 9,5%). Bij hogere consumptie neem het risico lineair toe (Smith-Warner 1998).
Dit komt mogelijk door verhoogde oestrogeenwaarden. Alcohol en het vrouwelijke hormoon oestrogeen worden beiden door ADH afgebroken. Waarschijnlijk is er competitie tussen alcohol- en oestrogeenafbraak bij alcoholconsumptie. Vrouwen die de pil slikken of hormoontherapie krijgen of waarbij borstkanker in de familie voorkomt, hebben vooral een verhoogd risico op het krijgen van borstkanker bij alcoholconsumptie.
Kanker in mond- en halsgebied
Bevolkingsstudies hebben laten zien dat (matige) alcoholconsumptie een risicofactor is voor kanker in de mondholte, keel en slokdarm. Dit is vooral het geval in combinatie met roken (Blot et al, 1988; La Vechia et al, 2008). Het mechanisme hierachter is waarschijnlijk dat alcohol werkt als oplosmiddel voor andere kankerverwekkende stoffen, zoals bijvoorbeeld bij rokers (Doll et al, 1999; Pelucchi et al 2008). Daarnaast kunnen bacteriën in de mond ook alcohol omzetten naar schadelijke acetaldehyde, terwijl de omzetting naar acetaat beperkt is vanwege beperkte ALDH-activiteit.
Overmatige alcoholconsumptie
Overmatige alcoholconsumptie is slecht voor de gezondheid. Het kan het risico op bepaalde kankers verhogen (Schütze et al, 2011). Bij mannen is er een lineaire relatie tussen alcoholconsumptie en dikkedarmkanker bij consumptie van meer dan drie glazen alcoholhoudende drank per dag (Cho et al, 2004). Bij zowel mannen als vrouwen is er een relatie tussen alcoholconsumptie en het risico op leverkanker (World Cancer Research Fund (WCRF), 2007). Bij overmatige consumptie is er tevens een verhoogd risico op alvleesklierkanker (Genkinger et al, 2009).
Beschermend effect
Matige alcoholconsumptie werkt mogelijk beschermend tegen lymfeklierkanker en niercelkanker (Morton et al, 2005, Lee et al, 2007). Het verklarende mechanisme is echter nog onbekend.
Aanvullend onderzoek
Er is aanvullend onderzoek nodig naar het effect van drinkpatroon (bijvoorbeeld piekdrinken en drinken met of zonder maaltijd), effect van type alcoholhoudende drank en de rol van andere componenten in alcoholhoudende dranken op het kankerrisico. Ook zou er in toekomstig onderzoek beter gecorrigeerd moeten worden voor verstorende factoren als roken, inname van vitamines en mineralen en lichaamsgewicht.

